Parasha van de Week

Onder de tabs in de rechterkolom vindt u eerder verschenen overdenkingen, verdeeld over de vijf boeken van de Tora.


Parasja Waëra 

“Het verharden van het hart”  

Sjemot/Exodus 6:2 - 9:35 

door Barbara Spectre *)

In deze sidra, wekelijkse afdeling, van Waëra wordt de situatie voor de Israëlische slaven steeds slechter, maar God verzekert Mosjee dat de verlossing zal beginnen. Wij lezen over de staf van Mosjee die verandert in een slang en over de eerste zeven plagen.

“Ik zal het hart van Farao verharden” (Tanach/NBV: “Ik zal ervoor zorgen dat de farao hardnekkig weigert…”) (7:3 en andere).

Wat een theologisch moeras wordt er hier gelanceerd door deze uitspraak! God verklaart aan Mosjee dat Hij zich niet door Farao zal laten vermurwen totdat de serie van plagen hun beloop hebben gehad en wel opdat de verlossing van het volk Israël begrepen zal worden als een wonder.

De implicaties van deze verklaring zijn vreselijk: als God het hart van Farao verhardt, betekent dit dan in essentie niet dat Hij ontkent dat Farao de vrije wil heeft om zelf zijn handelwijze te bepalen? En wat moeten we maken van het lijden van het Egyptische volk dat het gevolg wordt van de 10 plagen… is het niet God die Farao halsstarrig maakt en daardoor een heel volk aan deze onnodige marteling onderwerpt? Wat voor soort God zou de arena van het menselijke gebeuren op zo’n manier manipuleren?

Het “verharden van het hart” heeft door de eeuwen heen een enorme uitdaging neergezet voor de verklaarders. Sommigen kiezen voor de uitleg dat deze uitspraak bedoeld is als een beschrijving van wat er gebeurt eerder dan als een gedragsbepalende voorspelling. Met andere woorden: God beschrijft wat er gebeurt als men zelfvoldaanheid en wreedheid tot gewoonte maakt, het hart van wie zich zo gedraagt wordt inderdaad met de tijd ongevoelig en “verhard.”

Aan de andere hand moeten we misschien “het verharden van het hart” letterlijk nemen met alle wrede consequenties van dien. Misschien moeten we onszelf toestaan om voor deze “God van Geschiedenis” te gaan staan met zijn raadselachtige goddelijke plan waarvan wij mensen slechts de welwillende, maar dikwijls verwarde en verbijsterde vertegenwoordigers zijn.

Misschien moeten we, al is het maar voor één moment, de in wezen Aristotelische voorstelling dat God volmaakt is verlaten en onszelf toestaan, al is het maar vluchtig, de mogelijkheid te overwegen dat wij het concept willen aanvaarden van een God die kwaad kan worden, die kan heroverwegen, die nodig kan hebben… een God die in staat is om lief te hebben, met alle kwetsbare implicaties die daar het gevolg van kunnen zijn.

Het is goed om nader naar zulke overwegingen te kijken, daarin ligt goed nieuws verborgen. Immers, als God het hart van Farao verhardt, dan betekent dit dat Hij de mogelijkheid erkent (welke hij in dit geval wil verhinderen) van een echte, oprechte en radicale verandering. Dit is werkelijk een revolutionair concept binnen de context van een voorbeschikte en gecontroleerde Oude Wereld.

En als we wat er staat nu accepteren zoals het er staat, dan kunnen we het ons ook veroorloven om het sterke contrast tussen Mosjee en Farao nader te bekijken. Beiden (vooral bezien door de prachtige interpretatie van de film De Prins van Egypte, waarin de twee opgroeiden als broers) genoten de afzondering van het leven in een paleis. En inderdaad zien we het verharden van het hart van de één als resultaat van dit voorrecht. De eerste negen plagen raken Farao helemaal niet. Pas bij de tiende plaag dringt het gebeuren zijn gezin binnen en treft zijn eerstgeborene waarna hij het uitschreeuwt van verdriet. Het contrast blijkt voor het eerst wanneer Mosjee vrijwillig “naar buiten gaat” en het lijden van de Israëlieten ziet en daarop emotioneel reageert.

Ofschoon hij een soortgelijk afzonderlijk leven heeft geleid als Farao en hoewel het lijden hem niet persoonlijk treft, stelt hij het voorbeeld van inlevingsvermogen – de bekwaamheid om voor de ander te voelen, ook al heb je niet dezelfde ervaring opgedaan.

Ofschoon God het hart van Farao heeft verhard, heeft Mosjee dit “natuurlijke” proces getrotseerd. Hij is werkelijk geraakt door het lijden van anderen en het is zijn antwoord hierop, zelfs meer dan de interventie van God, dat daadwerkelijk de wonderbaarlijke loop van de geschiedenis bepaalt.

*)

Voor het Engelse origineel zie 
www.limmud.org/publications/tasteoflimmud/5769/Vaera

Wilt u reageren op dit commentaar? Graag! Klik hier.