Pinchas

Pinchas

commentaar BIJ Bemidbar
- Pinchas
21 Tammuz 5784

Breekt nood de wet?

door 
Rob Cassuto

Bemidbar / Numeri 25:10–30:1

De vorige parasa Balak besloot met het begin van een nieuw drama: de ontucht van de Israëlieten met de meisjes van Moäv in het kader van de afgodendienst aan Baäl Peor. Dat wekt de woede van de Eeuwige. Een dodelijke ziekte verspreidt zich onder het volk en leidt tot een rampzalige sterfte. Er wordt een belangrijke vergadering belegd om de crisis het hoofd te bieden en ‘Mosjee (zei) tegen de rechters van Israël: Ieder moet zijn mannen doden die zich aan Baäl-Peor gekoppeld hebben (Bem. 25:5)'. In die raadsvergadering spitst het gebeuren zich dramatisch toe als één van de prinsen uit de stam Sjim'on, Zimri genaamd, een bijzonder provocerende daad verricht. Tot verbijstering van Mosjee en de vergaderde rechters voert deze prins een Midianitische prinses openlijk naar zijn tent om met haar de bijslaap te verrichten.
De heetgebakerde Pinchas kan dit niet langer aanzien en neemt zijn toevlucht tot eigenrichting. Hij pakt zijn speer en gaat naar de tent waar de prins Zimri en de Midjanitische Kosbi inmiddels de bijslaap bedrijven en doorsteekt met dat wapen hun onderlichamen. De sterfte is toen gestopt. Vierentwintigduizend slachtoffers waren er gevallen. Voor de medische wetenschap is het verleidelijk te veronderstellen dat het een geslachtsziekte betrof, die de Israëlieten had besmet tijdens hun deelname aan de tempelprostitutie van de meisjes uit Mo'av en Midjan.2

Pas nu begint onze parasha met:
25:10 Toen sprak de Eeuwige tot Mosjee: 11 Pinchas, de zoon van El'azar, de zoon van de priester Aharon, heeft Mijn grimmigheid over de Israëlieten afgewend, doordat hij zich in hun midden met ijver (be-kano) 2 voor Mij heeft ingezet, zodat Ik de Israëlieten niet in Mijn na-ijver (be-kin'ati) vernietigd heb. Zeg daarom: Zie, Ik geef hem Mijn verbond van vrede: hij, en zijn nageslacht na hem, zullen het verbond van het eeuwige priesterschap hebben, omdat hij zich voor zijn God heeft ingezet en verzoening voor de Israëlieten heeft gedaan.

Pinchas stelt met zijn verhaal de vraag actueel: wanneer is een recht en wet doorbrekende daad, die in aller belang lijkt te worden verricht en vele levens spaart, gerechtvaardigd? Kennelijk heeft God de impulsieve daad van eigenrichting achteraf goedgekeurd en zelfs beloond met de promotie van het eeuwig priesterschap.

fanatisme

De vurige dienstbaarheid, die tot extremisme kan leiden, was ook al te vinden bij de zonen van Aharon, Nadav en Avihoe, die zich te buiten gingen in geestdriftige maar ongevraagde rituelen (Sjemot/Ex. 10:1). Volgens de Midrash speelden de zielen van deze twee dan ook door in de persoon van Pinchas. De ziel en de ‘zeal‘ van Pinchas ging volgens de midrash weer over naar de profeet Elijahoe, die ook door dienstwillige ijver werd bezield. Niet voor niets treedt hij op in de haftara – toegevoegde profetenlezing – van deze week 3 Melachim/Koningen 18:46-19:21). Nadat Elijahoe de vierhonderd profeten van Ba'al had laten ombrengen en het volk door zijn regenwonder weer tot erkenning van de ware God had bewogen, kwam hij, opgejaagd door koningin Izèwèl, terecht in de grot op de berg Chorew waar ooit onder gedonder de tien woorden waren gegeven. De Eeuwige vraagt daar aan Elijahoe ‘Wat heb jij gedaan?', en de ‘zeloot' antwoordt: Ik heb met ijver geijverd voor De Eeuwige, de God van de hemelse machten'  (Melachim/Koningen 19:10 ev: kano kineti ). Dan gaat de Eeuwige voorbij aan de grot en Hij is niet in de donder, niet in het vuur en niet in de storm. Hij is in een subtiele stilte (kol demama daka). De Eeuwige herhaalt zijn vraag: ‘Wat heb jij gedaan?', en de ‘zeloot' geeft het zelfde antwoord: Ik heb met ijver geijverd voor De Eeuwige, de God van de hemelse machten. Deze vraag aan Elijahoe die een vraag naar rekenschap lijkt, wordt twee maal gesteld. Na de tweede maal klinkt de vraag als een berisping, de fluistersfeer maakt de vraag tot een oproep tot zelfreflectie en tot matiging van fanatisme 4. Is het toeval, dat meteen na dit gebeuren Elijahoe de opdracht krijgt Elisja als zijn opvolger te zalven? Later zal in de legende Elijahoe bekleed worden met de taak als profeet ooit de messiaanse vrede aan te kondigen.

Het fanatisme gaat vaker wel dan niet over de schreef. In het geval van Pinchas was er sprake van een acute noodsituatie (in dit geval de om zich heen grijpende epidemie), een acute maatschappelijke ontwrichting (de anarchie van normen en waarden) en het overweldigende levensreddende karakter van de daad, i.c. twee slachtoffers versus de duizenden levens van de volksgenoten. Zijn dat voldoende criteria?
Vele commentatoren hadden en hebben moeite met de beoordeling van de daad van Pinchas. Ook de vaststellers van de uiteindelijke Hebreeuwse tekst in de vroege middeleeuwen, de Masoreten; dat blijkt wellicht uit het schrift in de Torarol (sefer Tora) en in de Hebreeuwse tekst van de Tora in boekvorm (de Choemasj). Daar is in vers 11 de naam Pinchas met een heel kleine jod geschreven en de vav (klinkend hier als o) in ‘briti sjalom', mijn verbond van vrede, is gebroken in twee stukken, leest u het maar na. De eigenlijke durende vrede kan op deze wereld nooit door geweld worden bereikt, is mijn favoriete uitleg.

Dat is gemakkelijk gezegd. In noodgevallen – als het voortbestaan van Israël - of welke natie dan ook - wordt bedreigd of de vijand is uit op de vernietiging van een volk is gewelddadige verdediging de enige oplossing en is zelfs een preventief gewelddadig ingrijpen noodzakelijk. Zoals we zien is collateral damage onder burgers van het land waar een terroristisch regime de macht heeft onvermijdelijk. De vileine en meedogenloze strategie van de terroristen – in dit geval Hamas, een beweging met een ideaal dat dat van IS evenaart - om zich in tunnels en onder de burgers, zelfs in ziekenhuizen. te verschuilen, maakt dat het aantal gedode en verwonde burgers, ook vrouwen en kinderen, het begrip collateral damage overstijgt en schrijnend hoge aantallen heeft bereikt,
Het is de vraag of het aan de Israëlische regering van Netanjahoe is toevertrouwd de morele grenzen van het oorlogsrecht in deze - overigens onmogelijk verknoopte situatie – in het oog te houden 5 .

noten

1. In mijn boek REIZEN DOOR DE TORA, deel 2 , heb ik nog andere optieken op de parasja Pinchas behandeld en eveneens elders op de website van PaRDeS.

2. In een midrash, verhaald in de Talmoed (Sanhedrin 82a en b), wordt het provocatieve karakter van deze daad nog benadrukt in een schilderachtige uitweiding over hoe dat zich mogelijk heeft afgespeeld.
Zie voor een parasfrase hier.

3. Dat Pinchas een fanatiekeling was, is m.i. ook in de tekst af te leiden uit het veelvuldig gebruik in vers (pasoek) 11 van de woordstam kan'a, dat zowel de betekenis ijver als naijver in zich draagt, het best weer te geven in het Engels als ‘zeal'. Het woord kin'a betekend jaloersheid, naijver (voortlevend in het Jiddische kinnesinne < Kin'a sin'a , naijver en haat). Het Hebreeuws voor ‘zeloten' is kana'im . Pinchas heeft - letterlijk vertaald – ‘met zijn ijver Mijn naijver verjaagd, want anders had Ik in Mijn naijver de kinderen van Israël vernietigd'.

4. aldus ook Rabbijn Jonathan Sacks in zijn commentaar.

5. Lees over het Gaza conflict het boekje “Brief in de nacht, gedachten over Israël en Gaza” van Chaja Polak, Cossee, 2024,  een evenwichtig partijen rechtdoend, maar toch gepassioneerd essay.

©2026 Stichting PaRDeS | Privacy | Disclaimer
envelopephoneclockmagnifiercrossmenuarrow-right