Emor

Emor

commentaar BIJ Wajikra
- Emor
8 Iyar 5784

Joodse pelgrimsfeesten en christelijke feesten

door 
Rob Cassuto

Leviticus 21:1-24:3

In de parasja Emor 1 vinden we verdere voorschriften en bepalingen over de priesters en de offergaven. Dan worden de hoogtijdagen voorgeschreven en omschreven, de sjabbat 2, Pesach, Sjawoeot, Rosj Hasjana, Jom Kipoer en Soekot. Tenslotte volgen bepalingen over de twaalf toonbroden en wordt naar aanleiding van een geval van godslastering nog eens teruggekomen op het ‘oog voor oog, tand voor tand etc.', de lex talionis, waarover we eerder al hebben gesproken 3.

Oude oogstfeesten met een nieuwe betekenis

De tekst maakt een zeer oude indruk, want de drie pelgrimsfeesten, Pesach, Sjawoeot en Soekot worden hier vooral als oogstfeesten beschreven. De nu gebruikelijke namen worden daar niet genoemd; wel wordt het Pesachoffer genoemd. Pesach wordt gevierd ten tijde van de gerstoogst en heet het feest van het ongezuurde brood.
Sjawoeot heeft in deze parasja nog geen naam (elders in de Tora wel, het heet het oogstfeest of het feest van de eerstelingen of inderdaad het wekenfeest), het is een offerplechtigheid ten tijde van de tarweoogst.
Soekot heeft ook nog niet zijn naam, al worden de hutten als tijdelijke verblijfplaats wel verordend, hutten die mogelijk afstammen van de hutten op de oogstvelden, waarin de boeren en hun knechten de nacht overbleven tijdens de late oogst. Ook was (en is) Soekot een smeekfeest voor voldoende regen.
Het is kenmerkend voor het Jodendom, dat deze agriculturele feesten in de loop van de jaren ook een geschiedenis aspect kregen en tevens een spirituele betekenis. Het oude herdersfeest in de lente werd (ook) herdenking van de uittocht uit Egypte en werd het symbool van uiterlijke en innerlijke vrijheid. Het late oogst- en regenfeest in de herfst moest gaan herinneren aan de tocht door de woestijn en verwees naar de afhankelijkheid van de mens van de natuur en het vertrouwen om het leven voort te zetten.

Op het feest van de tarweoogst, Sjawoeot, het wekenfeest, dat in verband met dit schrikkeljaar pas over ruim drie weken plaats zal vinden is ook het feest van het geven van de Tora op Sinaj, geworden
Zoals gezegd wordt het feest nog niet als zodanig genoemd op deze plaats.
In de parasja Emor wordt het meest van alle vermeldingen in de Tora in detail ingegaan op wat er op die dag precies aan offers moet worden gebracht als dank voor de nieuwe graanoogst.

Pesach en Pasen, Pinksteren en Sjawoeot

De historische banden tussen de belangrijkste loot van het Jodendom, het Christendom wordt nergens zo treffend geïllustreerd als door de Joodse oorsprong van de belangrijke christelijke feesten Pasen (van ‘pascha’, Aramees voor Pesach) en Pinksteren. In de meeste jaren vallen ze in de christelijke gregoriaanse zonnekalender en de Joodse maankalender bij elkaar in de buurt, maar in dit Joodse schrikkeljaar met zijn extra schrikkelmaand liggen er weken tussen.
Jezus werd berecht en gekruisigd nadat hij als goede Jood op erev Pesach samen met zijn discipelen het seidermaal had gevierd. Dat seidermaal werd door de christenen getransformeerd en geritualiseerd tot het Heilig Avondmaal. Na de kruisiging, opstanding en hemelvaart van Jezus gingen de discipelen als de nog steeds observante Joden naar Jeruzalem om het pelgrimsfeest Sjawoeot te vieren, alwaar de heilige Geest op hen neerdaalde . Waarom heet dat feest Pinksteren? Pinksteren is een verbastering van ‘Pentecosta’, het Griekse woord voor vijftig; en, net zoals het Jodendom vijftig dagen aftelt tussen Pesach en Sjawoeot (de zg omertelling), tellen de christenen vijftig dagen tussen Pasen en Pinksteren.

Klinkt Soekot nog door in het Christendom?

De eerste twee pelgrimsfeesten, Pesach en Sjawoeot, hebben hun christelijke tegenhanger gekregen in de vorm van Pasen en Pinksteren. Van Soekot is er weinig spoor te bekennen. De christelijke dankdag voor het gewas is zo toch niet echt te kenschetsen. Interessant is Thanksgiving Day, een dankfeest voor de oogst in de U.S. dat ook zijn wortels heeft in de geschiedenis, die van de Pilgrim Fathers.

Sommigen menen dat in de Evangeliën wél sporen zijn te vinden van Soekot.
Zo is er de verheerlijking op de berg, waar Petrus sprak: “tegen Jezus: ‘Heer, het is goed dat wij hier zijn. Als u wilt zal ik hier drie tenten opslaan, een voor u, een voor Mozes en een voor Elia.'” . De evangelist gebruikt voor tent het woord ‘skènè', dat de Griekse vertaling is voor ‘soeka'. De aanwezigheid van Mozes en Elia doet denken aan het gebruik van de ontvangst van spirituele gasten tijdens Soekot. Vond de verheerlijking op de berg plaats tijdens Soekot?

Een aantal bijbelgeleerden viel het op dat de intocht van Jezus in Jeruzalem, die de Goede week inluidde, sterk deed denken aan Soekot. Zo staat er (Mattheus 21):
Vanuit de menigte spreidden velen hun mantels op de weg uit, anderen braken twijgen van de bomen en spreidden die uit op de weg. De talloze mensen die voor hem uit liepen en achter hem aan kwamen, riepen luidkeels: ‘Hosanna voor de Zoon van David! Gezegend hij die komt in de naam van de Heer. Hosanna in de hemel!'
Het gaat daarbij om de palmtakken, die niet bij Pesach horen maar wel bij Soekot, en de roep ‘Hosanna' uit psalm 118 (hosjia-na = verlos ons). De mogelijkheid is geopperd dat het gebeuren van de intocht door de evangelisten in de tijd telescopisch is verkort naar het Paasgebeuren. Ook het citaat in de betreffende passage uit Zacharia doet denken aan diens Messiaanse voorzegging van het universele loofhuttenfeest, dat eindigt met: ‘Als die tijd aanbreekt, zullen er nooit meer handelaars zitten in de tempel van de Eeuwige van de hemelse machten'. Had Jezus, toen hij de handelaren uit de tempel verjoeg tijdens wat misschien de Soekot-week was, ook deze profetie van Zacharia voor ogen?
Sjabbat sjalom!

Noten

1. Meer over Emor in Rob Cassuto, Reizen door de Tora , deel 2, Van de Berg naar de Rivier, Leviticus, Numeri en Deuteronomium, en op de website van PaRDeS

2. Vanaf 321 n. Chr. was de zondag als rustdag verplicht door een edict van keizer Constantijn de Grote, waardoor de meeste christenen alleen de zondagsheiliging handhaafden en niet meer de sabbat op zaterdag. Vermoedelijk om de scheiding tussen Jodendom en Christendom nog meer te institutionaliseren

3. In mijn commentaar op de parasja Misjpatiem

4. Meer over Soekot zie https://www.robcassuto.com/pesach.html#soek

Archives

©2024 Stichting PaRDeS | Privacy | Disclaimer
envelopephoneclockmagnifiercrossmenuarrow-right