Jitro

Jitro

commentaar BIJ Sjemot
- Jitro
22 Shevat 5784

Een goed advies

door 
Rob Cassuto

Sjemot/Exodus 18:1 – 20:23 

De parasja Jitro begint met het bezoek van de schoonvader (choten) van Mosjee, en beschrijft daarna de eerste fasen van de wonderlijke gebeurtenissen op en rond de berg Sinaj, waaronder de uitroep van de Tien Woorden (tien geboden). 1

Wanneer was het bezoek van Jitro?

Het gedeelte over het bezoek van Jitro (Sjemot 18:1-27) valt op als een aparte story, die ingevlochten is vlak na de slag met de Amalekieten en vlak voor het grote gebeuren rond en op de heilige berg Sinaj. Volgens Rasji en andere oude rabbijnen 2  vond het bezoek van Jitro plaats nadat Mosjee de Tora had ontvangen en had gepresenteerd aan het volk. Immers in Bemidbar/Numeri 10:29, als de Israëlieten van de Sinaj na twee jaar verblijf aldaar op het punt staan weg te trekken, is Jitro – nu genoemd met zijn andere naam Chovav 3  – er nog en alsdan vraagt Mosjee hem, zijn schoonvader, om te mee op te trekken (wat hij niet doet).

Umberto Cassuto 4  beschrijft hoe de redacteur van de Tora waarschijnlijk niet zozeer historisch of chronologisch gemotiveerd te werk is gegaan, maar veeleer  compositorisch artistiek heeft gedacht. Vandaaruit heeft hij het verhaal subtiel geplaatst na de oorlog met de Amalekieten, om te benadrukken dat het naburige volk van de Kenieten, waartoe Jitro behoorde, Israël juist goed gezind was en als het ware in vrede verwelkomde als nieuwe natie in de kring der volken 4 .
De Midjanitische priester heeft gehoord van de uitredding van Israël, de wonderbaarlijke doortocht door de Rietzee en de overwinning op Amalek. Hij reist naar Mosjee en neemt Tsipora en de twee zonen van Mosjee met zich mee. Kennelijk had Mosjee deze drie leden van zijn gezin uit Egypte teruggezonden naar zijn schoonvader, uit veiligheid mogen we aannemen.5  We horen hoe de twee zonen heten, Gersjom en Eliëzer; verder spelen zij geen rol van betekenis in de komende geschiedenissen.

Een goed advies

Wat opvalt is het respect, waarmee Jitro wordt ontvangen en de zorgzaamheid waarmee hij zijn schoonzoon behandelt. De Tora neemt de tijd om het bezoek van Jitro uitgebreid te beschrijven, de aankomst, het vertellen van de uittochtverhalen met hun wonderlijke uitreddingen, de gezamenlijke plechtige maaltijd in de tent van Mosjee en het offer, dat Jitro brengt aan ‘Elohiem' – een in dit geval diplomatieke term, want de andere naam JHVH was nog te vreemd voor deze niet-Israëlitische bezoeker. 6  
De liefde en zorgzaamheid van Jitro wordt vooral geïllustreerd als de schoonvader de lange rijen van de Israëlieten ziet die wachten op hun beurt om voor Mosjee te verschijnen om hem om advies of oordeel te vragen over hun problemen of inzake hun zorgen voorspraak te doen bij de Eeuwige; van de ochtend tot de avond staan ze daar in de brandende zon. Dat kan zo niet langer duren. Tegelijk ziet hij hoe de schoonzoon vermoeid raakt en bijna bezwijkt onder de grote last, die op zijn schouders rust. De ervaren priester verstaat de kunst om niet alleen te kijken, maar ook achter de verschijnselen te schouwen en hij komt met een oplossing voor wat hij met zijn heldere blik waarneemt. Hij adviseert Mosjee structuur en organisatie aan te brengen om zo zijn taken te verlichten; alleen de grote zaken moet hij behandelen, de kleinere moet hij overlaten (Sjemot 18:21-23 HSV): ‘Je moet leiders over duizend, leiders over honderd, leiders over vijftig en leiders over tien aanstellen. Zij moeten altijd over dit volk oordelen. Maar laat het zo zijn dat zij elke grote zaak bij jou brengen, en zelf over elke kleine zaak oordelen. Maak het zo voor jezelf lichter en laat hen die last samen met je dragen'. Daarmee is zowel het volk gediend als de leider gespaard.
Het is een ervaringsfeit, dat wie een lastige taak moet volbrengen onder grote verantwoordelijkheid, maar alles alleen wil doen, een grote kans loopt te bezwijken onder de stress en een burn-out staat voor de deur. Jitro's advies klinkt nog door alle eeuwen heen tot de overbelaste leiders van nu: organiseren, structureren, taken verdelen en uitvoering delegeren.

De Kenieten

Dat Jitro zich werkelijk bekeerd heeft tot de Joodse ‘Adonai' zou waarschijnlijk kunnen zijn als hij het geweldige spektakel op de berg Sinaj mede aanschouwd en gehoord heeft of in ieder geval de kersverse getuigenissen erover gehoord heeft.  Als Kenieten zijn de nakomelingen van Jitro en zijn clan herhaaldelijk vermeld in het boek Sjemoeel (Samuel). Zo werden ze in de genocidale oorlog van koning Sjaoel (Saul) tegen de Amalekieten gespaard omwille van Jitro's hulp aan Mosjee, hoewel ze in Sjaoels tijd als stam met de Amalekieten nauw verwant waren en te midden van hen woonden. Volgens Rasji vestigden Jitro's nakomelingen zich later in Israël ‘om Tora te leren'.6  De ‘heidense' profeet Bilam voorspelde dat ze weggevoerd zouden worden door de Assyriërs 7 ; dat is misschien wel ook gebeurd en zo verdwenen ze in de geschiedenis.

noten

1.  Verschillende commentaren op de parasja Jitro zijn te vinden in mijn boek  REIZEN DOOR DE TORA    , deel 1 Genesis en Exodus, o.a. ga ik in op de Tien Woorden

2. Aldus ook Rasji en Mechilta de Rabbi Yishmael ad Sjemot 18:13

3. Rasji ad Sjemot 18:2

4. Cassuto, Umberto: A commentary on the book of Exodus, The Magness Press, Hebrew University, Jerusalem, 1998, p.222

5. Aldus ook Martin Buber: Mozes, Servire, 1970, hfst 12

6. 1 Koningen 14:6 en zie Rasji ad loc.

7. Bemidbar/Numeri 24:21

Archives

©2024 Stichting PaRDeS | Privacy | Disclaimer
envelopephoneclockmagnifiercrossmenuarrow-right