Tetsawee

commentaar BIJ Sjemot
13 Adar 5781

Ieder zijn gave

door 
Rob Cassuto

Tetsawee1 is de enige parsje in het boek Sjemot (Exodus) waarin de naam van Mosjee niet is genoemd. Centraal staat zijn broer Aharon; diens schitterende uitdossing en het ritueel van zijn inwijding tot hogepriester staan tot in detail beschreven. Mosjee treedt uit de schijnwerper en we zien Aharon in het zonnetje gezet. Is het boek Beresjiet (Genesis) onder meer te zien als de geschiedenis van de verstoorde relatie tussen broeders -  Kain en Abel, Jitschak en Jisjmael, Jaäkov en Esav, Joseef en zijn broeders -  , in het volgende boek Sjemot blijken de broers Aharon en Mosjee het goed met elkaar te kunnen vinden. Wat is het geheim van hun relatie en kunnen we daar nog iets van opsteken?

Leider en communicator

Ieder van de broers deed waarin hij het beste was en liet aan de ander datgene over waar die in uitblonk. Zo bleef hun verhouding in grote lijnen goed. Dat is een grote kunst, uitvinden waar je talent ligt en dat ten volle ontplooien en tegelijk accepteren waar je beperkingen liggen en zonder rancune aan anderen overlaten waar jij minder goed in bent.

Aharon wordt in het grote verhaal van Sjemot/Exodus geïntroduceerd met een kus 2; hij is zielsblij zijn broer te zien. De basis was dus al goed. Voortaan zouden ze samen optrekken. De gave en roeping van Mosjee was om een geïnspireerde leider te zijn, terwijl het talent van Aharon was om communicator tegenover het volk te zijn. Zo konden ze zich maximaal ontplooien en de gemeenschap dienen. In Sjemot/Exodus 4:15 staat het heel compact: Aharon zal voor Mosjee mond zijn en Mosjee zal voor Aharon god zijn; Dasberg vertaalt ‘Elohiem’ met ‘goddelijke inspiratie’. Je zou kunnen zeggen: Mosjee was het kanaal naar boven, Aharon de spreekbuis naar de buitenwereld.

Twee karakters

De broers waren heel verschillende mensen. Mosjee wordt beschreven als een zeer bescheiden mens, niemand op de hele wereld was zo bescheiden als hij.3 Misschien mogen we hem zelfs wel als verlegen bestempelen. Een man die in afzondering open kon staan voor de stem van gerechtigheid en die een inzicht geschonken kreeg in de bestemming van een heel volk en de koers die de gemeenschap had te gaan. Een man die eist en de lat hoog legt, zonder meer een leider die ook het volk onwelgevallige beslissingen kon nemen, een streng en rechtvaardig man die zich niet liet leiden door de sentimenten van het volk, de stand van de populariteitspolls of de hypes van het moment.

Aharon was heel anders. Hij was een vriendelijk en geliefd man, die moeilijke zaken aan het volk kon uitleggen, openstond voor onderhandeling en compromissen kon sluiten, ruzies kon bijleggen, een vredestichter. Hoe deed hij dat allemaal? De volksoverlevering, de midrasj aggada, noemt een voorbeeld: als hij twee mannen ruzie zag maken, placht hij er een apart te nemen en te zeggen: ‘Denk nu eens aan wat je vriend zegt! Hij weet zich geen raad, scheurt zijn kleren en roept: “Wat verschrikkelijk! Hoe moet ik mijn vriend onder ogen komen? Ik schaam mij, want ik was het die hem verkeerd heeft behandeld en tegen hem heeft gezondigd!”’ Aharon zou bij deze man blijven zitten totdat hij alle kwade gevoelens uit zijn gemoed had weggenomen. Dan ging Aharon bij hem weg, ging bij de andere man zitten en sprak met hem op dezelfde manier totdat ook hij uit diens hart de vijandigheid had gebannen. Als de ruziënde mannen elkaar dan later ontmoetten, omhelsden en kusten ze elkaar’.4 Een echte mediator met een heel eigen strategie. Rabbi Hillel zei: ‘Wees een leerling van Aharon; bemin de vrede en streef vrede na, houd van je medeschepselen en breng ze in kennis met de Tora.’ 5 Mosjee resoneert met onze innerlijke gids, die loepzuiver weet wat juist is en vals, wat recht is en wat krom. Aharon belichaamt de broodnodige compassie, mededogen met het menselijk tekort. De een kan niet zonder de ander.

Attributen

Parasja Tetsawee beschrijft Aharons finest hour, zijn uitdossing en inwijding. In In Bemidbar 20:26 wordt beschreven, hoe Aharon in vol ornaat de berg opklimt om er te sterven en de prachtige hogepriesterlijke attributen afstaat, de tulband en het diadeem, het borstschild, de gordel, het rituele schort, de blauwe mantel met granaatappeltjes en belletjes aan de zoom. Zo maakt hij ons ervan bewust dat ook wij ooit (moge dat nog lang duren) afscheid moeten nemen van onze attributen, onze functies, onze favoriete vaardigheden. Het enige wat toeneemt als het meezit en we ons ervoor inspannen is de wijsheid.

Noten

1. Verschillende commentaren op de parasja Misjpatiem zijn te vinden in mijn boek REIZEN DOOR DE TORA , deel 1 Genesis en Exodus, en op mijn website 

2. Sjemot/Exodus 4:27: ‘Hij trof hem bij de berg van God en kuste hem’ (Sjemot/Exodus 4:27). Psalm 85:11 zegt: ‘trouw en waarheid omhelzen elkaar, recht en vrede begroeten elkaar met een kus’ en de midrasj zegt: ‘trouw' dat is Aharon, ‘waarheid' dat is Mosjee, ‘recht' dat is Mosjee, ‘vrede' dat is Aharon. (Beresjiet Rabba 8:5 in combinatie met de Isbitzer Rebbe bij de parasja Tetsavee, Sjemot/Exodus 4:27, in de ‘Mei Ha-Shiloach. Living Waters’ p. 117)

3. In Bemidbar/Numeri 12:3.

4. Avot d’Rabbi Natan 12:3.

5. In Pirkee Avot, hoofdstuk 1, misjna 12.

Archives

©2021 Stichting PaRDeS | Privacy | Disclaimer
envelopephoneclockmagnifiercrossmenuarrow-right