BETOOG VOOR EEN NIEUW SYSTEEM VAN ECOLOGISCHE EN SOCIALE RECHTVAARDIGHEID

door Samira I. Ibrahim en Hannah J. Visser op 2 april 2021

Introductie

De wereldwijde corona-pandemie heeft onmiskenbaar veel gevolgen voor de mensheid. Het letterlijk stilleggen van de wereld dwingt ons om ons opnieuw te verhouden tot de manier waarop wij ons leven leefden. Rutte sprak recentelijk van het teruggaan naar een ‘normaler normaal’. Dat roept vragen op: Was ons ‘normaal’ wel ‘normaal’? En moeten we eigenlijk wel willen teruggaan naar het oude ‘normaal’? Vanaf het begin van de coronacrisis zijn stemmen hoorbaar die vragen of deze crisis niet een kans is om opnieuw te kijken naar onze vastgeroeste structuren en denkwijzen. Zouden we deze kans niet moeten aanpakken om bepaalde elementen in ons nieuwe normaal meer aandacht te geven, waarin aandacht voor onszelf, elkaar en ons ecosysteem meer centraal staan? Nu de vanzelfsprekendheid doorbroken is, doen zij een oproep om anders te kijken naar de wereld en deze anders in te richten. Afgelopen jaar heeft ons dan ook laten zien dat veranderingen mogelijk zijn, ook in korte tijd. Een systeem kan gemakkelijker worden aangepast dan men vaak betoogde.

Systeemverandering is dus wel mogelijk. In deze bijdrage richten wij ons op de vraag hoe zo’n systeemverandering eruit zou kunnen zien. We reflecteren daarbij op omgangsvormen tussen de mens en diens omgeving en ecosysteem die beter zijn voor mens en natuur. Vanuit onze beider levensbeschouwingen - Islam en seculier humanisme - delen wij wat ons inspireert in onze zoektocht naar een betere wereld. Eerst beschrijft Hannah Visser, promovenda aan de Vrije Universiteit Amsterdam in het veld van interlevensbeschouwelijk leren en leiderschap, seculier humanist en gepassioneerd idealist voor een rechtvaardiger samenleving, wat haar inspireert voor een systeemverandering vanuit (pedagogische) sociale rechtvaardigheidstheorieën. Vervolgens buigt Samira I. Ibrahim, kandidaat 75ste LBB – Internationale Betrekkingen bij het Clingendael Instituut, hydroloog en theoloog, zich over de vraag welke inzichten onze levensbeschouwingen ons kunnen bieden voor het werken naar een betere verhouding tussen mens en natuur. Ten slotte trekken wij gezamenlijk conclusies en delen wij een aantal concrete stappen richting de toekomst.

Hannah Visser: Het ontwikkelen van kritisch bewustzijn en handelingsbekwaamheid tegen onrechtvaardigheid

Als deze tijd door iets gekenmerkt wordt, is het wel een collectief bewustzijn van bepaalde onrechtvaardigheden in de samenleving en de wereld. Dat bewustzijn wordt zichtbaar door de coronacrisis - we hebben het over de toenemende kansenongelijkheid door de vele thuislessen - maar ook over het toeslagenschandaal, de Black Lives Matter beweging, de klimaatcrisis en ga zo maar door. Mijn bijdrage wil ik daarom inrichten rondom de (on)mogelijkheden voor een ‘nieuw normaal’ waarin we ons collectief bewust zijn van en strijden tegen onrecht. Een begrip dat richting geeft aan dit standpunt is kritisch bewustzijn, critical consciousness, conscientization, of conscientização. Dit concept is ontwikkeld door de Braziliaanse pedagoog en schrijver Paulo Freire (1970, 1993), die het omschrijft als een proces waarbij we ons bewust worden van de socio-culturele realiteit die ons leven bepaalt en van ons eigen vermogen om die realiteit te transformeren. We bestaan niet in isolatie, maar in interactie met anderen en de wereld. Dat vraagt om een reflectief bewustzijn van de verschillen in macht en privilege en de onrechtvaardigheden die daarin zijn ingebed (Kumagai & Lypson 2009). Bij het nadenken over systeemverandering in het ‘nieuwe normaal’ is daarom allereerst een kritische zelfreflectie van belang. In het eerste hoofdstuk van zijn boek Pedagogy of the Oppressed, pedagogiek van de onderdrukten, observeert Freire dat men in een onderdrukte positie in de strijd voor bevrijding en humanisering vaak eindigt op een plek als onderdrukker.

‘The conflict lies in the choice between being wholly themselves or being divided; between ejecting the oppressor within or not ejecting them; between human solidarity or alienation; between following prescriptions or having choices; between being spectators or actors; between acting or having the illusion of acting through the action of the oppressors; between speaking out or being silent, castrated in their power to create and re-create, in their power to transform the world.’ (1970, 1993, 22).

Uit dit fragment blijkt niet alleen de uitdaging om te vervallen in bepaalde onderdrukkende systemen, maar ook dat er een onderdrukker in ons allemaal aanwezig is; er is een keuze nodig om te handelen tegen onderdrukking, om daarmee niet de voorschriften van de onderdrukker te volgen. Dat vraagt om de vaardigheid die onderdrukker in ons te (h)erkennen, om het erkennen dat wij allen iets in ons hebben dat de wereld schade kan toebrengen en dat wij allemaal een verantwoordelijkheid hebben om te werken aan een rechtvaardiger wereld. In mijn interpretatie is zulke zelfreflectie een noodzakelijke eerste stap richting verandering. Maar erkenning alleen is niet voldoende. Volgens de liberation cycle van Harro (2000) is introspectie slechts een van de eerste stappen richting verandering. Volgens deze cyclus begint verandering met ‘wakker worden’ (onrechtvaardigheid observeren en realiseren dat dit een probleem is) en ‘klaarmaken’ (zelfbewustzijn; inspiratie opdoen en eigen privileges en de geïnternaliseerde onderdrukker ontmantelen). Een volgende stap is bijvoorbeeld het creëren van een gemeenschap om samen verandering teweeg te brengen. Dit vraagt om het opbouwen van een netwerk, het zich uitspreken tegen onrecht, het solidair worden, het zijn van een rolmodel en ten slotte het veranderen van instituties om onrecht tegen te gaan. De stappen in deze cyclus worden gedreven door een kern die ons inspireert om door de verschillende stappen te gaan, zoals het geloof dat we kunnen slagen, de kennis dat we er niet alleen voor staan, commitment voor verandering, passie en compassie. Laat die kern nu precies zijn waar onze levensbeschouwingen bij uitstek een rol in kunnen spelen, als inspirerende factoren die ons kunnen drijven en motiveren om de stappen richting een rechtvaardiger samenleving te doorlopen. Geworteldheid in onze levensbeschouwelijke tradities kan ons inspireren, kracht en gemeenschap creëren om tegen rechtvaardigheid op te komen. Het ‘nieuwe normaal’ zal niet vanzelf komen: voor een rechtvaardiger wereld zullen we allemaal stappen moeten nemen. Kritische zelfreflectie, ons uitspreken tegen onrecht, het opbouwen van een netwerk en het zijn van een rolmodel zijn stappen die gezet moeten worden zodat we na - of misschien zelfs dóór - corona kunnen werken aan meer rechtvaardigheid.

Samira I. Ibrahim: Spirituele ecologie als bouwsteen voor het post-corona tijdperk

Waar Hannah Visser in de bovenstaande paragrafen terecht pleit voor het belang van kritische zelfreflectie in de strijd tegen onrecht als essentieel onderdeel in ons nieuwe ‘normaal’, zal ik mij in mijn bijdrage richten op spirituele ecologie. Als we inderdaad streven naar een systematische harmonische opbouw van onze samenleving in het post-corona tijdperk, zijn we genoodzaakt om onze relaties en omgang met betrekking tot het ecosysteem te herevalueren en waar nodig te reconstrueren. Mijns inziens is dit niet haalbaar zonder religie en spiritualiteit in ons denken, doen en laten te integreren.

Spirituele ecologie is een begrip dat refereert aan het integreren van religie en spiritualiteit in het bestuderen van en omgaan met het ecosysteem. Eén van de pioniers op dit gebied, die spirituele ecologie vanuit een islamitisch perspectief benadert, is de filosoof Seyyed Hossein Nasr. Nasr is van Iraanse afkomst en werkt momenteel als professor in de islamitische wetenschappen aan de George Washington Universiteit in de Verenigde Staten. Hij doet al decennialang onderzoek naar islamitische visies op ons ecosysteem en analyseert in zijn boeken hoe een gebrek aan levensbeschouwelijke en spirituele inzichten omtrent ecologie bijdraagt aan onze huidige klimaatcrisis (Murad, 2010). In zijn boek Man and Nature: The Spiritual Crisis in Modern Man beschrijft hij hoe de innerlijke staat van de mens gespiegeld wordt in diens externe relaties met medemensen en het ecosysteem (Nasr, 1968). In zijn optiek begint het herstellen van het ecosysteem dan ook bij het innerlijk herstel van de mens zelf. Als islamitische filosoof benadrukt hij dat dit innerlijk herstel van de mens afhankelijk is van diens relatie met God. Wanneer iemand in harmonie met zichzelf en God weet te leven, wordt deze harmonie ook weerspiegeld in de relaties met medemensen en het ecosysteem. Daarnaast wordt de verantwoordelijkheid voor het creëren van harmonie op aarde vanuit een islamitisch perspectief bij de mens, als intellectueel wezen, gelegd.

In het laatste hoofdstuk van zijn boek, Man and Nature: The Spiritual Crisis in Modern Man legt Nasr uit dat ons begrip van de natuur afhankelijk is van ons begrip van onze innerlijke zelf. Hoe dieper we onszelf kunnen doorgronden en begrijpen, hoe beter we de natuur en dus het ecosysteem kunnen begrijpen.

‘... man sees in nature what he is himself and penetrates into the inner meaning of nature only on the condition of being able to delve into the inner depths of his own being and to cease to lie merely on the periphery of his being. Men who live only on the surface of their being can study nature as something to be manipulated and dominated. But only he who has turned toward the inward dimension of his being can see nature as a symbol, as a transparent reality and come to know and understand it in the real sense.’ (1968, 96,97).

Wat volgens Nasr ook bijdraagt aan de huidige disbalans tussen de mens en het ecosysteem, is het gebrek van erkenning voor de verantwoordelijkheid van de mens in het beschermen van de balans in het ecosysteem (Sururi et al., 2020). Vanuit een islamitisch perspectief beredeneert hij dat het de plicht van de mens is om balans en harmonie in de schepping, waaronder het ecosysteem, te bewaken en deze niet te overschrijden. Een harmonisch bestaan opbouwen waarin zorg en verantwoordelijkheid voor het ecosysteem gekoesterd worden is in die zin dan ook niet alleen een bewonderenswaardige poging in de toenadering tot God, maar ook echt een religieuze verplichting. Hij constateert echter dat de huidige relatie tussen mens en ecosysteem vooral wordt gekenmerkt door dominantie, waarbij de mens het ecosysteem domineert en overheerst. De balans en harmonie die de mens dient te bewaken wordt dus overschreden, met alle catastrofische gevolgen van dien. Het herstellen van de balans in de relatie tussen mens en ecosysteem raakt dus aan de kern van de islamitische visie op de rol van de mens op aarde. Wanneer dit spiritueel-ecologisch perspectief niet wordt meegenomen, wordt er voorbijgegaan aan de diepste vorm van motivatie voor het menselijk handelen en wordt daarmee, mijns inziens, een grote kans gemist.

Reflecterend op onze huidige coronacrisis is het dan ook van belang om ons af te vragen in hoeverre wij inderdaad in harmonie leven met onszelf. Als eerste stap voor verbetering en verandering van onze huidige relatie met het ecosysteem.

Alhoewel Nasr vooral vanuit een islamitisch perspectief schrijft, vinden wij ook in het christendom en andere levensbeschouwingen gedachtegoed in lijn met de inzichten van Nasr: namelijk dat spirituele en levensbeschouwelijke benaderingen van het ecosysteem ons denkpatronen aanbieden die het ecosysteem integreren in het religieus en spiritueel bewustzijn. Hieruit ontstaat een moreel systeem dat de potentie heeft om ons naar een meer evenwichtige relatie tussen mens en ecosysteem te leiden, indien het werkelijk wordt geïmplementeerd en toegepast.

Conclusie

Het werken aan integrale oplossingen is onvermijdelijk wanneer we het hebben over wereldwijde uitdagingen en problemen zoals de corona-pandemie en klimaatverandering.

Hannah Visser toont in haar bijdrage aan hoe kritische zelfreflectie kan voorkomen dat men komend vanuit onderdrukking zelf eindigt als onderdrukker. Onderdrukkende systemen zijn echter niet alleen aanwezig in de relaties tussen mensen onderling, maar zijn ook ingebed in de relatie tussen mensen en ecosystemen. In de bijdrage van Samira I. Ibrahim lezen wij hoe ook de mens het ecosysteem kan domineren waardoor er een disbalans ontstaat. Hieruit kunnen wij drie concrete lessen trekken voor het inrichten van een nieuw normaal. Ten eerste vraagt die nieuwe samenleving om een kritisch bewustzijn, zowel van de tekortkomingen van oudere en gevestigde systemen als van onszelf: we dienen ons bewust te zijn van de rol die wijzelf spelen en de manier waarop wij zelf geneigd zijn bij te dragen aan het in stand houden van gevestigde onderdrukkende systemen. Ten tweede benadrukken wij het belang van geworteld zijn en inspiratie. Voor onze strijd van rechtvaardigheid moeten wij onszelf kunnen blijven voeden. Daarin zien wij allebei een belangrijke rol voor levensbeschouwelijke gemeenschappen en tradities, als plekken waar bronnen van inspiratie en steun kunnen worden gevonden. Ten slotte betogen wij dat veranderingen op gang brengen niet in isolement gedaan kan worden. Daarvoor zijn goede en sterke samenwerkingen nodig tussen verschillende gemeenschappen en groepen in de maatschappij. Wederzijds begrip, respect en vertrouwen zijn kernwaarden die centraal staan in het opbouwen van onderlinge relaties en samenwerkingen die de beoogde veranderingen werkelijk op gang kunnen brengen. Interlevensbeschouwelijke relaties bieden veel mogelijkheden voor deze samenwerkingen vanwege de inspiratie en motivaties die ze bevatten om richting een samenleving te bewegen waarin rechtvaardigheid en balans meer centraal komen te staan.

Bibliografie

Freire, Paulo. 1970, 1993. Pedagogy of the oppressed. Vertaald naar Engels door Myra Bergman Ramos. UK: Penguin Classics.

Harro, Bobbie. 2000. "The cycle of liberation." Readings for diversity and social justice 2: 52-58.

Kumagai, Arno K., en Monica L. Lypson. 2009. "Beyond Cultural Competence: Critical Consciousness, Social Justice, and Multicultural Education." Academic Medicine 84 (6): 782-787. https://doi.org/10.1097/ACM.0b013e3181a42398.

Murad, Munjed M. 2010. “Islamic Environmental Stewardship: Nature and Science in the Light of Islamic Philosophy.” Union Theological Seminary. https://doi.org/10.7916/D8GQ6X2Z

Nasr, Seyyed H. 1968. Man and Nature: The Spiritual Crisis in Modern Man. Boston: Unwin Paperbacks.

Sururi, Ahmad, Kuswanjono, Arqom, en Agus H. Utomo. 2020. “Ecological sufism concepts in the thought of Seyyed Hossein Nasr.” Research, Society and Development 9 (10): 2525-3409. http://dx.doi.org/10.33448/rsd-v9i10.8611

©2021 Stichting PaRDeS | Privacy | Disclaimer
envelopephoneclockmagnifiercrossmenuarrow-right