Pasen en Pesach

Pasen en Pesach

Archieven

Nieuws

Door Harry Polak op 28 maart 2024

Doorgaans vallen Pasen en Pesach ongeveer samen. Eens in de zoveel jaar, zoals nu in 2024, zit er echter een maand tussen het Christelijke Pasen en het Joodse Pesach. Dat gebeurt (vaak of altijd, daar wil ik vanaf zijn) als er twee Joodse schrikkeljaren vlak achter elkaar komen. Meestal is het eens in de drie jaar een Joods schrikkeljaar. Het kan echter ook al na twee jaar weer een schrikkeljaar zijn volgens de Joodse kalender.

Bij een Joods schrikkeljaar wordt geen dag, maar een complete maand toegevoegd aan de kalender. De Joodse kalender is namelijk een maankalender, net als de Islamitische. Dat houdt in dat een kalendermaand even lang is als de maansomloop om de aarde. Die duurt 29,5 dag.

Maar om in de pas te blijven lopen met het zonnejaar, dat elf dagen langer is dan het maanjaar, wordt zeven keer in de negentien jaar een extra maand toegevoegd in de Joodse kalender. Dat is belangrijk, want Joodse feesten zijn seizoensgebonden. Moslims kennen dat niet. Vandaar dat de Ramadan door het (zonne)jaar schuift, want een Islamitisch jaar is nu eenmaal korter dan een zonnejaar.

Om heel precies te zijn, het is een Joods schrikkeljaar (in het Hebreeuws wordt het een zwanger jaar genoemd) in het derde, zesde, achtste, elfde, veertiende, zeventiende en negentiende jaar van de cyclus van negentien jaar.

Velen zal het bovenstaande een zorg zijn. Zij zijn meer geïnteresseerd in waar het inhoudelijk om draait bij Pasen en Pesach. Welnu, beide zijn bevrijdingsfeesten. Joden vieren de uittocht uit Egypte en daarmee de bevrijding van de slavernij in Egypte. Heel aards, zou je kunnen zeggen.

Christenen herdenken de (Romeinse!) kruisiging en de daaropvolgende dood van de Joodse Jezus en vieren onmiddellijk daarna de wederopstanding van Jezus van Nazareth. Dat komt neer op de bevrijding van de Dood. Niet gering! En tevens heel metafysisch. En ook in ander opzicht is sprake van bevrijding: ik heb begrepen dat de Zoon van God, aldus de Christenen, de zonden van de wereld op zich heeft genomen. Hij stierf voor ons aan het kruis, zo heet het.

God offerde volgens de Christelijke leer zijn eigen Zoon op. Dat heb ik altijd opvallend gevonden. Niet eens zozeer dat God een nakomeling heeft, al vind ik dat wel een aparte gedachte. Mij viel dat kind-offer op omdat de Allerhoogste eerder Abraham nadrukkelijk verbood om zijn zoon Jitschak te offeren. Mensenoffers werden daarmee taboe verklaard. Maar Jezus was geen mens, hij was goddelijk, zullen we maar zeggen.

Noch het Jodendom, noch de Islam kennen zoiets als de zogeheten Drieëenheid, dus God, de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

Jodendom en Islam zijn strikt monotheïstisch. Al heb ik moslims wel eens horen beweren dat Joden dat niet zouden zijn, omdat de profeet Ezra goddelijke status had. Hoe dat verhaal de wereld in gekomen is, is mij een raadsel. Ezra was een belangrijke profeet, maar natuurlijk geen God. G’d verhoede!

Moslims menen dat hun laatste Openbaring de enig juiste is. Joden en Christenen, weliswaar ook volkeren van het boek, hebben kwalijke veranderingen aangebracht in de Openbaring die zij kregen, aldus de Islam. Op zich een slimme vondst dat de laatste in de rij, die voor de voeten geworpen kan krijgen dat die van alles heeft overgenomen van de voorgaande Openbaringen, dat ‘nadeel’ in zijn voordeel weet om te buigen. Want, lest best.

Even los van welke religie het nu bij ‘het rechte eind’ heeft, misschien wel alle drie, ieder op eigen manier. Het lijden van Jezus heeft geleid tot hemelse muziek. Zou Bach de indrukwekkende Mattheus Passion hebben kunnen componeren zonder het Paasverhaal?
Al moet ik als Joodse luisteraar wel af en toe even mijn oren dichtdoen voor de anti-Joodse teksten in het libretto. Het zij Bach vergeven.

Onderwerp(en):
©2024 Stichting PaRDeS | Privacy | Disclaimer
envelopephoneclockmagnifiercrossmenu